Zingen in het Nederlands

Ik Zing naar rechts Ik woon al vrij lang in Duitsland (01.12.1992) en daarom denk ik ook niet zo vaak in het Nederlands. Ik droom in het Duits, ik praat de hele dag Duits, en toch is er iets in mij dat soms opeens opflakkert en mij Nederlands laat praten. Vooral bij mijn kinderen.

Ik weet dat het niet altijd netjes is om van taal te wisselen, maar soms probeer ik hen in het Nederlands eraan te herinneren wat ik bedoelde, wat ik eerder heb gezegd of – beter gezegd – geef ik dingen die ik emotioneel belangrijk vind een extra kleur door een andere taal te gebruiken. En ja, ik heb goed gelet op of dat alleen maar gebeurt wanneer er bezoek is. Dus niet. Het komt echt vanuit mijn gevoel.

Er zijn ook van die triggers. Gelukkig meestal vrolijke. Bijvoorbeeld liedjes. Ik wist helemaal niet hoeveel Nederlandse kinderliedjes ik ken. Natuurlijk, ik heb een zus die maar een paar jaar jonger is dan ik, waardoor ik al die liedjes op een latere leeftijd opnieuw en opnieuw mocht horen. Maar dat realiseerde ik mij pas toen mijn kinderen geboren werden.

Mijn zoon vond het helemaal niet leuk als ik zong. Het maakte niet uit in welke taal. Hij vond zingen al vrij snel verschrikkelijk. Mijn dochter daarentegen vond het als kleuter geweldig en zong graag alles luidkeels mee.

Maar sinds ze naar school gaat – in Duitsland gaan kinderen met ongeveer zes jaar naar school en zitten ze in klassen, niet in groepen zoals in Nederland – is het zingen in het Nederlands ineens minder leuk. Dat klopt eigenlijk niet: ze houdt nog steeds heel erg van zingen, maar dan liever in het Duits of Engels. Dat vindt ze heerlijk.

En ook al ben ik trots dat ze zo vrij en speels met muziek omgaat, mis ik toch af en toe de Nederlandse kinderliedjes. Dan zing ik ze gewoon voor mezelf. Luidkeels. Op de bakfiets. Door Berlijn.

Nu dacht ik: ik ga een Nederlandse blog schrijven. En wat ik daarbij belangrijk vind, is dat ik het niet één op één vanuit het Duits laat vertalen. Ik wil dat ik in twee verschillende talen twee verschillende verhalen vertel. Misschien niet altijd helemaal hetzelfde onderwerp, maar wel altijd afgestemd op mij. Ief-like dus.

Tussendoor kan dat best moeilijk zijn. Een deel van mijn volwassen worden heb ik in Nederland beleefd, en daar zijn dingen gebeurd die niet altijd even leuk waren. Daardoor kan het nog weleens zijn dat de taal mij triggert. Toch ben ik nieuwsgierig waar deze reis mij brengt.

En ik verheug me erop als jij mij vergezelt – in het Nederlands én in het Duits.